Hoe kun je een verandering tegenhouden?


In liefde, oorlog en verandering is alles geoorloofd*. Het veranderkundig pallet is pas compleet als je niet alleen je mogelijkheden overziet om een verandering te laten slagen, maar ook om een verandering tegen te houden. Naar die mogelijkheden ga ik in dit @rtikel op zoek.

Om een verandering tegen te kunnen houden, is het belangrijk om eerst te kunnen duiden welke veranderstrategie gebruikt wordt door degene die de verandering bij je onder de aandacht brengt (die noem ik in dit artikel ‘de veranderaar’**). Elke veranderstrategie kent namelijk zijn eigen tegenstrategie.

Door in discussie te gaan (‘weten’)

Als de veranderaar de verandering naar je presenteert als een advies of een mening, al dan niet omgeven met argumenten, hanteert hij de weten-veranderstrategie. In die strategie is er de ruimte om het er niet mee eens te zijn en om er argumenten tegenover te zetten. Hoe beter je je tegenargumenten onderbouwt en laat aansluiten bij wat ook voor de veranderaar belangrijk is, hoe groter de kans dat hij zich overtuigd toont. Als alle argumenten de revue zijn gepasseerd en blijkt dat hij, noch jij van mening is veranderd, is het enige dat resteert dat jullie het eens zijn dat jullie het niet eens zijn. Een gedeelde richting zit er blijkbaar niet in. Dan zou de verandering dus van de baan moeten zijn.

Als de veranderaar vervolgens de zin ‘je kunt het er wel niet mee eens zijn, maar we gaan het toch doen’ uitspreekt, is dat een bewijs dat niet de ruimte van ‘weten’, maar van ‘moeten’ aan de orde was. De verandering was geen mening of advies maar een reeds genomen besluit. Dan is de tegenstrategie die onder het volgende kopje staat van toepassing. Je kunt de veranderaar nog de opbouwende feedback geven dat hij aan effectiviteit wint als hij vooraf duidelijk is over de ruimte die beschikbaar is.

Door nee te zeggen (‘moeten’)

Als de veranderaar de ‘moeten’ veranderstrategie hanteert, geeft hij je geen keus. Het de veranderaar uitleggen hoe deze keuze indruist tegen wat voor jou belangrijk is, zou hem er wellicht nog toe kunnen bewegen het te heroverwegen. Elke irritatie of boosheid die je daarbij laat doorschemeren zal waarschijnlijk averechts werken.

We leven in een vrij land waar ieder –binnen de kaders van de wet- het recht heeft op zelfbeschikking. Ook als de veranderaar aan zijn keuze vasthoudt kun je je er dus aan onttrekken, door bijvoorbeeld de mededeling ‘ik ga niet mee’ te doen en de eventuele consequenties daarvan voor lief te nemen***.

Door je onaangedaan te tonen (‘willen’)

De veranderaar die de weg kiest van de inspiratie en het enthousiasme hanteert de willen-veranderstrategie. Daarin brengt hij de verandering als een wenkend perspectief bij je onder de aandacht. Dan zou je de ruimte moeten hebben om te zeggen: ‘dankjewel voor het aanbod en leuk dat je hiervoor aan me denkt, maar ik laat het aan me voorbij gaan’.

Uit de reactie van de veranderaar zal vervolgens blijken of het wel echt ‘willen’ was, of ‘moeten’ met een enthousiast sausje. De veranderaar kan bijvoorbeeld –onbewust- je ruimte verkleinen door zich teleurgesteld te tonen als hij merkt dat je zijn enthousiasme niet deelt. Dan is het menselijk om daar op jouw beurt weer verbolgen over te zijn, maar dan is de relatie het kind van de rekening. Het leiderschap om de situatie ten goede te keren kan ook van jou komen, door het gesprek aan te gaan over wat er onder de oppervlakte relationeel aan het gebeuren is en door samen de werkelijk beschikbare ruimte onder ogen te zien.

Door de vraag niet van toepassing verklaren (‘leren en ontdekken)

De laatste mogelijkheid is dat de veranderaar je niet benadert met een besluit, een advies of een mogelijkheid, maar met een vraag. Vragen staat vrij en antwoorden dus ook, zou je zeggen. Tenzij je aan je water voelt dat de vraag geen open vraag is, maar een fuik die je een kant op duwt waar jij (nog) niet heen wilt (‘hoe zie jij jouw rol in deze ontwikkeling?’). Telefonische verkopers zijn er zeer bedreven in. Bij een veranderaar hoeft het geen opzet te zijn. Een –te- sturende vraag komt nogal eens voort uit zijn veronderstelling dat jij al net zo ‘ver’ bent als hij. Wat de intentie van de veranderaar ook is, de tegenstrategie is om de ‘fuik’ te vermijden door een wedervraag te stellen, of om de vraag niet van toepassing te verklaren.

Ten slotte

Deze @rtikelenreeks is geschreven voor veranderaars, en het lijkt wel of ik hun werk met deze aflevering alleen maar moeilijker maak, alsof ik partij kies voor ‘de ander’. Maar op het speelveld wisselen ‘de veranderaar’ en ‘de ander’ voortdurend van rol. Iedereen die zich op dat speelveld bevindt kan de inzichten uit dit @rtikel gebruiken om iedereen die hem wil beïnvloeden met open vizier tegemoet te treden. Daar kan elke verandering alleen maar beter van worden.

Annemarie Mars, september 2014

*Vrij naar het spreekwoord ‘All is fair in love and war’, dat door Wikipedia wordt toegeschreven aan John Lyly’s boek Euphues (1587)

**Dat is een stijlbreuk met de andere @rtikelen, waarin ik de lezer telkens als de veranderaar benader. In dit @rtikel zet ik de lezer in de rol van ‘de ander’ (de doelgroep van de veranderaar). Alleen op het einde van het @rtikel draaien we de rollen weer even om….

*** In het @rtikel van februari 2013 (‘Hoe draag je een verandering uit waar je niet achter staat’) presenteer ik nog een aantal mogelijkheden die geschaard kunnen worden onder de categorie ‘burgerlijke ongehoorzaamheid’.

Abonneer je hier op mijn blog

Tien keer per jaar zoek ik naar antwoorden op een prangende vraag over verandering.

(En vanaf november 2018 zijn de blogs ook in het Engels te lezen)

Klik hier om te abonneren