Ik ga het roer omgooien.
Sinds 2011 schreef ik 131 blogs. Telkens over een andere prangende vraag over verandering. Met een vogelplaatje.
Ik ga het roer omgooien.
Sinds 2011 schreef ik 131 blogs. Telkens over een andere prangende vraag over verandering. Met een vogelplaatje.
De afgelopen 25 jaar versleet ik nogal wat verandermetaforen.
Ik werkte met de weg, de rivier en de film.
Ze werkten allemaal goed.
Een risico bij veranderingen is dat ze verwateren. Na een voortvarende start valt de organisatie sluipend terug in het oude patroon.
Vandaar dat in organisaties het woord borging zo vaak valt.
Een bestuurder vroeg me om eens naar hun missie en visie te kijken.
‘Tuurlijk!’ zei ik.
Who cares? dacht ik.
Elke veranderopgave heeft twee hoofdrolspelers. En het loont om goed over na te denken over wie dat zijn voordat je het gesprek over verandering aangaat.
Ik was aan het micromanagen.
Ik wist dat ik het deed. Ik wilde het niet doen, maar ik deed het toch. En erger nog: al micromanagend betrad ik een vakgebied dat niet het mijne was.
We kennen allemaal de techniek van aanspreken. Doe het onder vier ogen. Zorg voor hoor en wederhoor. Benoem gedrag. Erken ook je eigen aandeel.
Dit soort regels zijn niet verkeerd. Maar ze werken alleen als de intentie eronder goed is.
Subsidies zijn een krachtig middel om maatschappelijke opgaven te realiseren. Dat is natuurlijk een zegen als het verandering mogelijk maakt die zonder externe financiering niet van de grond zou zijn gekomen.
Maar subsidies kunnen verandering ook in de weg zitten.
Of: hoe je wegblijft bij valse ruimte
Veel veranderingen hebben last van valse ruimte.
Valse ruimte geeft weerstand, wantrouwen en onveiligheid die niets met de inhoud van de verandering te maken heeft, maar alles met verborgen zeggenschap.
In de carrousel laat ik je vijf manieren zien om de zeggenschap in een gesprek te verdelen, en hoe je valse ruimte kunt herkennen.
(of: wat we van ziekenhuisseries kunnen leren)
Discussie heeft een slechte naam. Want overtuigen werkt niet om mensen mee te krijgen, zeggen we dan. Laat staan als mensen elkáár gaan overtuigen.
Maar soms kan het wel. Is het mogelijk én nodig dat we op het scherpst van de snede met elkaar redetwisten.
Helpers komen in vele soorten en maten. Twee veelvoorkomende rollen zijn die van de expert en die van de procesbegeleider.
Als je aan helpers vraagt in welke van deze twee rollen ze zich bewegen is het vaak het antwoord: ik doe allebei.
Kan dat?
Aanspreken op gedrag is een rotinterventie. Niemand wil het doen, al helemáál niemand wil het ondergaan en het maakt meer kapot dan je lief is.
Terwijl er ook alternatieve interventies bestaan, die minder heftig zijn.